Icoon woningDe binneninstallatie bepaalt voor een groot deel of je thuis op een comfortabele manier van ons leidingwater kan genieten. Denk goed na over materialen en diameter en bescherm de binnenleidingen en de watermeter in de winter tegen de vrieskou.

 

 
 
Architecten, loodgieters en studiebureaus gebruiken voor de berekening van de diameter van de binneninstallatie uitgewerkte tabellen. Algemeen kan je uitgaan van het principe dat de installatie moet berekend worden op het normale verbruik tijdens de piekmomenten in het gezin (= wanneer het meeste water wordt verbruikt).

Het water mag niet sneller dan 1,25 meter per seconde stromen. Zo beperk je het drukverlies en waterslag, hinderlijke geluiden, trillingen en vroegtijdige slijtage op de kwetsbare plaatsen van de leidingen. Bij waterafname vermindert de druk in functie van de stroomsnelheid en de lengte van de leidingen. Kies de diameter ervan dus niet te klein.

De aarding van de binneninstallatie mag niet verbonden zijn met de delen die door De Watergroep zijn geplaatst (nrs. 1 2 3 4 en 5 op de tekening), zodat eventuele werken aan de watermeter niet worden gehinderd. De verbinding van de geleidende delen van de binneninstallatie met de hoofdaardingsklem mag enkel geplaatst worden NA de stopkraan C. Is de watermeterbeugel uitgerust met een aardingsklem, dan moet de elektrische installateur een equipotentiaalverbinding maken met de hoofdaardingsklem van de elektrische installatie.

De onderdelen van jouw binneninstallatie

Bij een lek aan de hoofdkraan (of stopkraan = nummer 1 op de afbeelding hieronder) neem je best zo snel mogelijk contact op met De Watergroep. Wij sturen dan iemand langs om dit lek kosteloos te herstellen.

binneninstallatie

Neen. Het gebruik van waterleidingbuizen en aftakkingen als aarding voor elektrische installaties is niet alleen verboden, maar ook gevaarlijk.

  • Voorkom stilstaand water en spoel leidingen na terugkeer uit vakantie. Enkele minuten spoelen is voor een gezinswoning meer dan voldoende. Vang het spoelwater op voor de plantjes, om te poetsen, ...
  • Wees waakzaam voor lekken. Noteer regelmatig de stand van de watermeter om lekken op te sporen.
  • Laat apparaten jaarlijks nakijken door een erkend installateur.
  • Reinig regelmatig douchekoppen en kranen. Zo voorkom je verkalking. Leg de douchekop een nacht in een schaal met verdunde azijn of wikkel een handdoek met een azijnoplossing een paar uur om de kraan.
  • Zorg voor een goede isolatie van leidingen, zowel warm als koud. Leg bijvoorbeeld geen koudwaterleidingen door kamers met een verhoogde omgevingstemperatuur, of naast de warmwater of chauffageleidingen.
  • Bij het betrekken van een nieuwbouwwoning moet u de nieuwe leidingen goed doorspoelen. Nieuwe leidingen kunnen namelijk ongewenste stoffen vrijgeven tijdens de eerste dagen dat ze in contact komen met water. Spoel eerst alle toiletten door. Tap daarna aan elke kraan een drietal liter water af. Het is best meerdere kranen samen open te zetten. Hierna moet u wellicht de zeefjes van de kranen reinigen.
  • Na een lange afwezigheid is het aangewezen even door te spoelen, zeker aan die kranen waar water afgetapt wordt voor consumptie. De kwaliteit van het water dat langere tijd stilstaat in de leidingen gaat immers achteruit.
  • Bij verwittiging door De Watergroep naar aanleiding van bijvoorbeeld een verontreiniging van het distributienet, heeft het spoelen pas zin als het leidingwater zelf weer in orde is. Doe dit op dezelfde manier als bij het betrekken van een nieuwbouwwoning.
  • Na een onderbreking van de waterlevering kan veel lucht in de leidingen zitten. Dat veroorzaakt de bekende waterslagen. Om schade aan de binnenleidingen of toestellen te voorkomen, is het goed eerst water af te tappen aan de eerste koudwaterkraan voorbij de watermeter. Deze kraan is dan ook best stevig bevestigd zodat eventuele waterslagen opgevangen worden.
  • Hou bij het ontwerp of de renovatie van jouw woning rekening met de gezinssamenstelling, de verbruikte hoeveelheid warm water en de beschikbare ruimte om overdimensionering te voorkomen.
  • Zorg voor voldoende afsluitkranen op de sanitaire binneninstallatie. Zo moet je niet telkens de hoofdkraan afsluiten om herstellingen uit te voeren.
  • Vermijd gemengde leidingmaterialen. Zo voorkom je problemen met roest.
  • Zorg voor een goede isolatie van leidingen, zowel warm als koud. Leg bijvoorbeeld geen koudwaterleidingen door kamers met een verhoogde omgevingstemperatuur, of naast de warmwater- of chauffageleidingen.
  • Vermijd doodlopende uiteinden op de binneninstallatie. Hanteer het principe 'zo groot en zo lang als nodig' maar 'zo klein en zo kort als mogelijk'.
  • Gebruik je een regenwaterput?
    • Kies dan voor volautomatische omschakelsystemen. Die zijn milieuvriendelijker én goedkoper, aangezien het systeem slechts in uiterste nood een beroep doet op leidingwater als bijvulling van de regenwaterput.
    • Voorzie een efficiënte filtering, zowel voor als na de regenwatertank. Zo kan je organisch materiaal in de regenwaterput (bv. bladafval) vermijden en verstoppen de leidingen niet.
  • Installeer een goede spaardouchekop. Opgelet: bij sommige doorstroomtoestellen kan je geen spaardouchekop gebruiken.
  • Vergeet bij een nieuwe drinkwateraftakking of bij een grondige wijziging aan de sanitaire binneninstallatie niet om een keuring aan te vragen.

Alleen goud en platina roesten niet. Alle andere metalen kunnen vatbaar zijn voor corrosie of roestvorming. Vaak is dat te wijten aan zogenaamd agressief water: water dat het vermogen heeft om kalk op te lossen. Hierdoor wordt de dunne beschermende kalklaag in de binnenleidingen aangetast, en komt het metaal bloot te liggen.

De Watergroep levert water dat niet agressief is. Zijn er in jouw woning roestende leidingen, dan is dit wellicht het gevolg van één van volgende oorzaken:

  • het gebruik van minderwaardige materialen,
  • een verkeerde combinatie van metalen,
  • thermisch slecht uitgebalanceerde circulatiekringen van sanitair warm water,
  • slecht afgestelde onthardingstoestellen,
  • de aanwezigheid van neerslag of afzettingen in de leiding,
  • de aanwezigheid van lucht in de leidingen,
  • een slechte plaatsing van de leidingen,
  • leidingen met een te kleine diameter,
  • elektrische zwerfstromen.

De meeste problemen kan je al bij de plaatsing vermijden. Daarom is de keuze van een goede vakman belangrijk.

De Watergroep streeft ernaar leidingwater te leveren aan een druk van minimum 2,5 bar. Uiteraard is de druk op het leidingnet afhankelijk van het verbruikspatroon. Overdag is het verbruik groot en de druk daardoor iets lager. 's Nachts zien we het omgekeerde. De moderne installaties zijn op de meest voorkomende drukverschillen berekend.

In bepaalde omstandigheden kan de druk plots en onverwacht verminderen. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer op een warme zomeravond de hele buurt besluit de tuin te sproeien of onder de douche te stappen, of bij werken aan het distributienet. Dat zijn slechts tijdelijke situaties.

In hoge gebouwen kan de druk soms onvoldoende zijn om de bovenste verdiepingen van water te voorzien. In dat geval worden opjaagpompen geplaatst. Die moeten steeds door De Watergroep goedgekeurd worden.

Als de druk van de hoofdleiding meer dan 4 bar bedraagt, kan het aangewezen zijn een drukregelaar te plaatsen. Je kan bij De Watergroep steeds navragen wat de dienstdruk is in jouw straat.
PVC is een kunststof die in heel wat toepassingen wordt gebruikt. De chloor in dit materiaal zit vast en wordt niet door het water opgenomen. De PVC-materialen die gebruikt worden voor het transport van leidingwater zijn trouwens uitvoerig getest om er zeker van te zijn dat er geen ongewenste stoffen vrijkomen. Dat is niet het geval voor de PVC-leidingen die gebruikt worden voor de afvoer van afvalwater of voor andere toepassingen in de bouw, en die je ook in doe-het-zelf-zaken vindt. Die leidingen mogen niet gebruikt worden voor het transport van drinkwater in jouw woning.