De Watergroep werkt o.a. rond:

  • ondergrondse ontijzering,
  • ontwikkeling kalkafzettingsmodel met het programma PHREEQC,
  • onderzoek naar afsluiters met gewaarborgde dichtheid op lange duur,
  • Non Revenu Water,
  • hoogwaardige beklede stalen tanks/roestvast stalen tanks,
  • technische haalbaarheid statisch elektronische meters voor huishoudelijk verbruik,
  • beschermingszones en brondossiers,
  • analyse van perchloraat,
  • flowcytometer,
  • microscopisch onderzoek,
  • algentoxines,
  • analysemethoden voor analyse (metabolieten van) pesticiden
  • ...

 

Ondergrondse ontijzering

In 2014 is onderzoek opgestart naar de mogelijkheid van ondergrondse ontijzering. Daarbij wordt belucht grondwater geïnjecteerd in het winningsveld. Hierdoor zal het ijzer neerslaan in de ondergrond en is het opgepompte water vrij van ijzer, zodat er bovengronds geen (of weinig) behandeling meer nodig is.

De Watergroep heeft een literatuuronderzoek uitgevoerd en heeft ook een bezoek gebracht aan het Nederlandse drinkwaterbedrijf Vitens, dat dit principe al toepast. Een aantal geochemische berekeningen werd uitgevoerd om te starten met een proefproject. Bijkomende voordelen van ondergrondse ontijzering zijn: minder spoelwaterverlies, minder (of geen) verstopping van de batterijputten en een grotere leveringszekerheid.

In 2015 werd de milieuvergunningsaanvraag opgesteld. Hiervoor werd een hydrogeologische studie gevoerd om de milieu-effecten in kaart te brengen, en voerde De Watergroep een geochemische modellering om de verwachte chemische reacties in de ondergrond in kaart te brengen. De Watergroep is het eerste bedrijf dat een vergunning aangevraagd heeft voor deze activiteit.

De studie toonde aan dat de te verwachten milieu-effecten beheerst worden, waardoor De Watergroep de noodzakelijke milieuvergunning kon bekomen. Eind 2015 kon gestart worden met het boren van de noodzakelijke bijkomende injectie- en onttrekkingsput.

 

Ontwikkeling kalkafzettingsmodel met het programma PHREEQC

Begin 2015 waren er in de gemeente Riksingen veel druk- en kalkklachten. In het leidingnet waren kalkschilfers losgekomen die allemaal richting Riksingen stroomden. Hierdoor waren stroomafwaartse leidingen en watermeters op de aftakkingen verstopt. De Watergroep ging op zoek naar de oorzaak om dit in de toekomst te vermijden.

Het water in Riksingen is afkomstig van waterproductiecentrum (WPC) Vliermaal, en wordt gedeeltelijk opgeslagen in het reservoir Vliermaal en de watertoren van Riksingen.

Bij analyse van de waterkwaliteit bleek dat zowel het WPC als het reservoir en de watertoren de kalkafzetting van het water versterkten. De bestaande rekenprogramma’s gaven echter alleen een indicatie van deze afzetting, niet van de effectieve aangroei (in mm per jaar). Om deze aangroei te kunnen berekenen, werd een model gemaakt in PHREEQC, een programma dat vooral gebruikt wordt voor geochemische modellen, maar zich laat configureren tot het berekenen van drinkwater.

Nadat het model opgesteld was, bleek dat vooral reservoir Vliermaal een groot effect heeft op de aangroei van kalk in het net en dus ook op de schilfers. Het water in de toren is nog net iets meer kalkafzettend, maar in het voorzieningsgebied van de toren werden geen schilfers aangetroffen. Dit alles doet vermoeden dat de schilfers losgekomen zijn door een schok in het net. De oorzaken van deze schok zijn niet meer te achterhalen (werken, zwaar transport, waterslag, …).

Om het probleem tijdelijk op te lossen, werd besloten om de beluchting in het reservoir en de toren te verminderen. WPC Vliermaal is intussen opgenomen in het onthardingsplan van Zuid-Limburg, wat de problematiek zal verhelpen.

 

Onderzoek naar afsluiters met gewaarborgde dichtheid op lange duur

AfsluiterOm te vermijden dat afsluiters op het moment dat ze een leiding moeten sectioneren niet goed werken, werd onderzoek gevoerd naar de oorzaken hiervan:

  • Schuifafsluiters kunnen door te weinig onderhoud soms niet goed sluiten.
  • Vlinderafsluiters zijn zeer gevoelig aan vuil en deeltjes in het water, die zich afzetten in de dichting, waardoor deze niet meer goed afsluit.
  • Vlinderafsluiters met ingeperste zitting zijn niet geschikt voor pneumatische of elektrische sturing. Een ingeperste zitting vertoont meestal grotere ovaliteiten (afwijking van de vorm), die het uitbreek- en sluitmoment verhogen.
  • Vooral de handbediende vlinderkleppen zijn na enige jaren nog moeilijk te bedienen. Oorzaak: geen of te weinig onderhoud.

Om de bedrijfszekerheid voor afsluiters met DN ≥ 300 te verhogen, worden volgende maatregelen genomen:

  • Verder optimaliseren van de huidige toegepaste vlinderkleppen en herzien van de toegelaten zittingstypes in functie van de toepassing.
  • Onderzoek van de haalbaarheid om ook schuifafsluiters met DN > 250 in te zetten.
  • Voeren van marktscreening en onderzoek naar beter afdichtende afsluiters met DN ≥ 300.
  • Op punt stellen van het onderhoud van afsluiters en de frequentie ervan.

 

Non Revenu Water

ILI (Infrastructure Leakage Index) per verbruikszone

Om een beter inzicht te krijgen in regionale verschillen in Non Revenu Water (NRW)*, werden voor de regio Limburg enkele KPI’s (Kritieke Prestatie-Indicators) inzake NRW per regio of verbruikszone berekend. Deze fijnere indeling laat toe de NRW-maatregelen te prioriteren, zodat de beschikbare middelen optimaal ingezet kunnen worden. Uit de analyse blijkt duidelijk dat er grote verschillen bestaan op vlak NRW-performantie tussen de verschillende regio’s in Limburg: het heuvelachtig terrein in Zuid-Limburg gaat gepaard met een hogere ILI.

Deze praktijkcase heeft ook bijgedragen tot het in kaart brengen van de nodige datastromen voor een vlotte, efficiënte berekening van de betrokken KPI’s.

* Non Revenu Water is geproduceerd water dat ‘verloren’ geraakt vooraleer het de klant bereikt, bv. door een lek.

 

Eigen onderzoeksprojecten

 

 

Naar meer hoogwaardige beklede stalen tanks en/of roestvast stalen tanks?

Eigen onderzoeksprojectenDe Watergroep nam enkele maatregelen met het oog op een langere levensduur voor beklede stalen tanks:

  • We werken enkel nog met geaccrediteerde bekleders en een bekledingsclasse: C5-I of M High volgens NBN EN ISO 12944-5. Deze classes dekken industriële of maritieme gebieden met hoge vochtigheid en of agressieve atmosfeer: gebieden met een bijna permanente condensatie of vervuiling.
  • Gebruik van coatingsysteem 3: een standaard uitwendige bekleding (= duplex systeem: metalisatie + coating), en dit voor bekleding van nieuwe constructies zoals ketels, opslagtanks en onthardingsreactoren, … met binnen- of buitenopstelling.
  • Gebruik van coatingsysteem 4: een uitwendige bekleding met anti-corrosie primer voor het uitwendig hercoaten van constructies (renovatieprojecten) zoals ketels, opslagtanks en onthardingsreactoren, … in situ.
  • Voor buiten opgestelde en deels in volle grond ingegraven tanks komt daar nog de eis Im³ bij.
  • Bij tussentijds onderhoud van de tanks wordt indien nodig ook de bekleding vakkundig hersteld.

 Daarnaast doen we bijkomend onderzoek naar de technische en financiële haalbaarheid van RVS tanks. De bedoeling is om een toepassingsmatrix op te stellen waarbij, in functie van de waterkwaliteit/uitwendige omgevingsconditie, het te gebruiken RVS materiaal, de lastechnologie en de lasafwerking (in- en uitwendig) vastgelegd worden.

 

Technische haalbaarheid statisch elektronische meters voor huishoudelijk verbruik

De Watergroep voert een marktscreening naar statisch elektronische huishoudelijke koudwatermeters. Ze voert ook testen met bestaande statische meters.

 

Beschermingszones en brondossiers

Het berekende intrekgebied van de winning Herent Bijlok, met aanduiding van de beschermingszones.Propere drinkwaterbronnen zijn een essentiële vereiste voor een betrouwbare drinkwatervoorziening. Sinds 2014 wordt de bescherming van de bronnen structureel vorm gegeven via het opstellen van brondossiers.

Na de start in 2014 heeft De Watergroep in 2015 verder ingezet op het uitwerken van de brondossiers. Deze gebiedsspecifieke dossiers worden op termijn voor elke winning uitgewerkt in samenwerking met de VMM, waarbij in de eerste plaats de meest kwetsbare winningen aan bod komen. In 2015 werden brondossier opgesteld voor Eisden, Meeswijk, Herent Bijlok, Kessel-Lo Vlierbeek, Winksele Kastanjebos, Londerzeel Koevoet, Diets-Heur en Eeklo.

 

Wat zijn brondossiers?

  • In een brondossier worden gegevens verzameld over de winning, de omgeving en de omliggende activiteiten. Onder meer het landgebruik, landbouwbedrijven, industrie en grondwaterwinningen worden geanalyseerd, met als doel te bepalen welke activiteiten een negatieve impact kunnen hebben op de grondwaterkwaliteit en de drinkwaterproductie.
  • Daarnaast wordt de kwaliteit van de winningen geanalyseerd om de reeds aanwezige knelpunten te bepalen, de oorzaak te achterhalen, en maatregelen te formuleren. Het huidige staalnameprogramma wordt geëvalueerd en waar nodig aangepast om bedreigingen beter op te volgen.
  • Tot slot wordt voor elke winning een driedimensionaal grondwatermodel opgesteld om de algemene grondwaterstroming, de afpompingskegel en het totale intrekgebied van de winning te berekenen. Aan de hand van simulaties kunnen de locatie en oorzaak van een verontreiniging bepaald worden, alsook de impact van toekomstige bedreigingen.
    Met de verzamelde informatie worden gebiedsgerichte acties en afspraken gemaakt op maat van een winning, zowel intern, met stakeholders in het gebied, met de overheid, … met als resultaat een onderbouwd risicobeheer en een betrouwbare drinkwaterkwaliteit.

 

Analyse van perchloraat

In het laboratorium van De Watergroep werd een analysemethode ontwikkeld voor de parameter perchloraat, waarbij gebruik wordt gemaakt van de koppeling van ionchromatografie en massaspectrometrie. Deze techniek is zeer gevoelig en heeft een zeer grote specificiteit. Deze techniek kan worden ingezet in 2016.

 

Flowcytometer

Flowcytometrie als techniek stelt ons in staat om op een snelle manier een screening uit te voeren naar de aanwezigheid van levende en dode bacteriën. Door de veel grotere gevoeligheid van de techniek kan het effect van waterbehandelingsprocessen op de verwijdering van micro-organismen gedetailleerder worden bekeken. Ook kunnen wijzigingen in de bacteriologische waterkwaliteit in het distributienet in kaart worden gebracht. De techniek werd succesvol toegepast bij de calamiteit in Ieper waar de microbiologische verontreiniging van het leidingwater door een veeteeltbedrijf kon worden aangetoond en geremedieerd.

 

Opstart van het microscopisch onderzoek

Voor de opvolging van de algen in de spaarbekkens en in de waterbehandeling werd een omkeermicroscoop aangekocht. Hiermee is De Watergroep in staat de algenpopulaties te kwantificeren en de verschillende algensoorten te identificeren. Het monsternameprogramma werd in 2015 opgestart.

 

Algentoxines

In het centraal laboratorium werd een analysemethode ontwikkeld en gevalideerd voor de bepaling van algentoxines in water. Deze toxines zijn dikwijls het gevolg van het afsterven van blauwwieren. In dezelfde analysemethode kunnen 10 toxines worden bepaald. De Watergroep is hiermee koploper in de watersector.

 

Verdere uitbreiding van analysemethoden voor de analyse van pesticiden en de metabolieten van pesticiden

LaboDe Watergroep valideerde een analysemethode voor de bepaling van metaldehyde. Metaldehyde is het actief bestanddeel van slakkenkorrels die door particulieren worden gebruikt in de moestuin. Uit de eerste screeningsresultaten van het oppervlaktewater is gebleken dat metaldehyde uitspoelt naar dit oppervlaktewater. Het analyseprogramma wordt vanaf 2016 geïntensifieerd.

Tevens werd het aantal pesticiden dat kan gemeten worden uitgebreid met een 15-tal nieuwe componenten. Daarenboven werd ook een analysemethode gevalideerd voor de analyse van een 10-tal afbraakproducten van pesticiden. Deze analysemethodes zijn inzetbaar in 2016.